Lead Image 1:
Lead image TXT 1: Is dit vanuit het historisch perspectief het werkelijke koken in 1627?. Foto: Eveline Zuurbier

GROENLO - Een nagebouwde stookplaats die soldaten in de Tachtigjarige Oorlog in hun kampementen gebruikten, gaat achterop het slagveld van de Slag om Grolle dienen als archeologisch experiment. Het moet informatie geven voor een reconstructie van het leven tijdens van de belegering van Groenlo in 1627. Het moet een beter inzicht gaan geven over hoe en onder welke omstandigheden soldaten leefden.

“We weten heel veel over de Romeinen en hoe zij leefden. Maar hoe het leven was en hoe soldaten in de kampementen leefden tijdens de Tachtigjarige Oorlog weten we heel weinig”, legt archeoloog Joop Hubers vanuit een kuil uit die hij net ingericht heeft. Hij heeft de stookplaats in het corp de gardes op het slagveld van de Slag om Grolle nagebouwd met oude stenen uit Groenlo en houten kanten. Een steen komt uit een opgegraven legerplaats uit 1635-1636 aan de oevers van de Rijn in Spijk. Daar was Hubers met een team van archeologen betrokken bij een grote vondst van een Staatse legerplaats die onderdeel was van de linie voor de belegering van Schenkenschans. Een strategisch punt, daar waar de Rijn en de Waal elkaar scheiden.

We proberen antwoorden te vinden op waarom stookplaatsen zo werden aangelegd

De Grollenaar vond met een heel archeologisch team naast onder meer honderden loden kogels, meerdere stookplaatsen en scherven van potten en pannen uit die tijd. De restanten behoren toe aan het kampement van Prins Frederik Hendrik. Ze waren in de loop van de eeuwen overspoeld door klei en onder dat dikke pakket lang bewaard gebleven. "Het zat mooi in een tijdcapsule."

Is dit vanuit het historisch perspectief het werkelijke koken in 1627? - Foto: Eveline Zuurbier

Wat de vondst in Spijk uniek maakte, was dat er in het hele kampement heel veel verschillende stookplaatsen zijn gevonden. “Soldaten maakten iets bestendigend voor een lang verblijf. We willen meer weten over hoe ze leefden, hoe er gekookt werd en waarom in zo in een kuil? Daar proberen we met dit experiment een antwoord op te vinden.”

Gedurende de dagen van De Slag om Grol wordt er ook echt op gekookt. Na de Slag zal er onderzoek gedaan worden naar onder meer de brandsporen op de bakstenen van de haardplaats. Mogelijk geven de resultaten al iets meer inzicht over het gebruik van deze haardplaatsen en waarom ze zo werden aangelegd. “We laten de stookplaats na de Slag liggen. Het zal waarschijnlijk bedekt worden met een laag grond en over een paar jaar weer opgegraven worden bij een Slag. We kunnen dan opnieuw kijken voor mogelijk nieuw inzicht.”

De plek van de stookplaats, het corp de gardes, is niet zomaar uitgekozen, wijst Godfried Nijs op de historische context. Nijs is betrokken bij de Slag om Groll als bewaker van het historische besef. “Alles wat hier ligt en aan opstelling te zien is, is niet zomaar bedacht. Dit komt voort uit kaarten en tekeningen uit de archieven.”

“Het corp de gardes is een soort wachtkamer waar soldaten veilig direct achter de frontlinie konden wachten in opmaat om naar de frontlinie te gaan.” Daar kwamen ook de stookplaatsen voor.

Godfried Nijs: “Ons doel is dat we zo goed mogelijk de historische stijl van 1627 nabootsen. We zijn tevreden als bezoekers bij het weggaan zeggen dat een idee hebben gekregen hoe het in 1627 in onze geschiedenis is geweest.”

Deel dit artikel