Lead Image 1:
Lead image TXT 1: Het koppelstuk voor de Nederlandse en Duitse maten van brandweerslangen werd voor de delegatie met ambassadeurs uit Berlijn en Den Haag het symbool van de samenwerking in de grensregio. Foto: 1Achterhoek
De twee ambassadeurs uit Berlijn en Den Haag, de twee burgemeesters uit Aalten en Bocholt en de twee brandweercommandanten. Foto: 1Achterhoek

De twee ambassadeurs uit Berlijn en Den Haag, de twee burgemeesters uit Aalten en Bocholt en de twee brandweercommandanten. Foto: 1Achterhoek

AALTEN - “De wil bij de Nederlandse en Duitse brandweerlieden en ambulancediensten is er wel”, zegt burgemeester Stapelkamp, “maar in praktische zin bestaan er voor een goede samenwerking tal van hobbels die genomen moeten worden."

Dit bevestigde burgemeester Anton Stapelkamp in een dialoog met de brandweercommandanten tijdens de presentatie die donderdag in de brandweerkazerne van Bocholt gegeven werd. Voor deze ontmoetingsplek was gekozen met het oog op dat in de nabije toekomst een gezamenlijke brandweerkazerne Dinxperlo/Süderwick gaat komen. In het belang van grensoverschrijdend waren de Nederlandse ambassadeur in Berlijn, Ronald Roeden en de Duitse ambassadeur in Nederland, Cyrill Jean Nunn in de Bocholtse brandweerkazerne die het verloop van de samenwerking van hulpdiensten aanhoorden. Regelgeving, andere afspraken, verschillen in organisatie en beschikbare mensen, maken de gewilde samenwerking in de regio complexer dan dat iedereen denkt. Om die reden maakten zij een reis door de grensstreek.

Een tekenend voorbeeld is dat de Duitse en Nederlandse brandweerslangen niet op elkaar pasten, maar met eenvoudige koppelstukken in de blusvoertuigen die nu wel aan elkaar aansluiten. En er zijn meer verschillen. Wel Nederlandse coronapatiënten in Duitse ziekenhuisbedden, maar de Duitse ambulances mochten niet naar Nederland uitrukken omdat medewerkers door de soepelere regels in Nederland onbeschermd waren, acteerde Duitsland daar anders op. Daarnaast zijn er projecten succesvol afgerond als de beroertezorg in het grensgebied bij Enschede, maar zijn de aanrijdtijden voor ambulances rond Dinxperlo nog een punt van zorg. “Er is een verschil in kennis, kunde en de bevoegdheden, zodat ambulance niet over de grens de hulp kunnen verlenen die nodig is”, laat Manon Bruens van de Enschedese spoedzorg zien. “Het is goed van elkaar te weten, wat ‘partners’ als de Veiligheidsregio, de spoedzorg in de grensregio, Duitse gemeentes van elkaar willen en wat bijvoorbeeld de Euregio daarin kan betekenen”, is haar conclusie van alle geslaagde projecten die ze presenteerde.

Het koppelstuk voor de Nederlandse en Duitse maten van brandweerslangen werd voor de delegatie met ambassadeurs uit Berlijn en Den Haag het symbool van de samenwerking in de grensregio. - Foto: 1Achterhoek

In Duitsland zijn twee aparte kleedruimtes voor mannen en vrouwen, in Nederland delen ze één ruimte

‘Er zijn 80 uitrukken van de brandweer uit Süderwick naar Dinxperlo geweest, dan kan één gezamenlijke goed uitgeruste kazerne vlakbij de grens een groot voordeel hebben. Nu liggen de brandweerposten van beide dorpen twee kilometer uit elkaar met elk eigen gestuurde oproepen en een alarmering’, vertelt Thomas Decker van de Bocholtse brandweer. Hij is optimistisch over het plan waaraan gewerkt wordt voor de realisatie van een brandweerpost vlakbij ‘op’ de grens van Süderwick met Dinxperlo. Beide dorpen liggen tegen elkaar aan en bouwgrond zal voor dat plan nog gevonden moeten worden. Stapelkamp wijst tijdens de presentatie op waar de moeilijkheden zitten. Hij zegt dat in Duitsland de gemeente Bocholt beslist en het in Nederland een stuk complexer is. “Wij handelen vanuit de Veiligheidsregio waar 22 gemeentes onder vallen en die samen geld inbrengen voor hulpdiensten wat besluitvorming om geld te verkrijgen voor een dergelijk uniek plan een stuk gecompliceerder maakt.” Een ander ‘ding’ zijn de kleedruimtes. In Nederland is er een kleedruimte voor mannen en vrouwen samen. In Duitsland zijn twee aparte kleedruimtes, waarvoor door de ogen van Nederland, dus extra geld nodig is.”

Deel dit artikel